Invoering AMvB commissie-Van der Meer II per 1 februari 2026
Per 1 februari 2026 treedt de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) commissie-Van der Meer II in werking. Het gaat om aanbevelingen van de commissie over puntenaantallen, het punttarief, wijzigingen in de zaakcodes en de reistijd- en kostenregeling voor mediators. Andere aanbevelingen van de commissie, zoals de kantoortoeslag, vereisen politieke besluitvorming en zijn daarom nu niet meegenomen. Ook aanbevelingen die nadere (technische) uitwerking verlangen van de RvR, zoals de opvolgingstoeslag als percentage van het forfait, zijn niet meegenomen. De AMvB regelt de benodigde aanpassing van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 en het Besluit toevoeging mediation. In dit bericht geven we u meer gedetailleerde informatie over de wijzigingen.
Welke wijzigingen worden doorgevoerd?
Hier vindt u een opsomming van de wijzigingen met per wijziging/onderwerp bijbehorende uitleg.
Wijzigingen:
Punttarief
Het op 1 januari aangepaste basisbedrag (punttarief) wijzigt onder invloed van deze AMvB per 1 februari a.s. nogmaals, vanwege de aanbevelingen van de commissie-Van der Meer II. Het basisbedrag voor toevoegingen voor rechtsbijstand en voor mediation, afgegeven op of na 1 februari 2026 en voor rechtsbijstand verleend in een piketzaak op of na 1 februari 2026 wordt € 143,04 exclusief btw.
Puntenaantallen per zaakcategorie en toeslagen
Nieuwe en vervallen zaakcategorieën
De zaakcodes A010 ‘(Ver)nietig(ing) ontslag’ en A020 ‘Ontbinding arbeidsovereenkomst’ vervallen en worden vervangen door één nieuwe zaakcode: A015 ‘Ontbinding arbeidsovereenkomst/ ontslag (ontslag op staande voet)’. De werkinstructies zijn samengevoegd in één nieuwe werkinstructie. Het toevoegbeleid verandert inhoudelijk niet. Het puntenaantal van de nieuwe zaakcode A015 wordt 24.
De zaakcodes H030 ‘Wet huurprijzen woonruimte’ en H040 ‘Geschil (ver)huur woonruimte’ komen eveneens te vervallen. Hiervoor in de plaats komt de nieuwe zaakcode H035 ‘Geschil (ver)huur(prijzen) woonruimte’ van 18 punten. Ook hier zijn de werkinstructies samengevoegd in een nieuwe werkinstructie. Inhoudelijk verandert het toevoegbeleid niet.
Tot slot vervalt de zaakcode P091. Deze wordt gesplitst in twee zaakcodes: P092 ‘Bijzondere curator art. 1:212 BW’ en P093 ‘Bijzondere curator art. 1:250 BW’. Ook hier geldt dat het beleid niet wijzigt. Het puntenaantal van zaakcode P092 is bepaald op 10, het puntenaantal van zaakcode P093 is 13.
De nieuwe werkinstructies raadpleegt u vanaf 1 februari 2026 op Kenniswijzer.
Staffel bij samenhangende zaken meerdere rechtzoekenden
De commissie-Van der Meer II heeft geconstateerd dat de samenhangregeling bij meerdere rechtzoekenden klemt vanwege de te strak afgestelde staffel. De inrichting van de staffel bij samenhang met meerdere rechtzoekenden wordt daarom aangepast. Voor toevoegingen afgegeven op of na 1 februari 2026 geldt de volgende berekening:
- Toevoeging 1 en 2: 150% van het toepasselijke puntenaantal. Hierbij wordt opgeteld:
- vanaf de derde tot en met de twintigste toevoeging: +25% per toevoeging;
- vanaf de eenentwintigste tot en met de honderdste toevoeging: +15% per toevoeging;
- bij elke volgende toevoeging: +10% per toevoeging.
Het totaal wordt afgerond op hele punten: 0,01 - 0,49 naar beneden, 0,50 - 0,99 naar boven.
Een toelichting vindt u vanaf 1 februari 2026 in de werkinstructies ‘Art. 11 Bvr Samenhangende procedures’ en ‘Art. 21 Bvr Samenhang in strafzaken’.
Vaststellingsovereenkomst
In artikel 5 Bvr wordt een nieuwe vergoeding geïntroduceerd. In de gevallen waarbij na de gerechtelijke oproeping voor de zitting maar voor de mondelinge behandeling een vaststellingsovereenkomst is overeengekomen ter beëindiging van het geschil, wordt de vergoeding voor de verleende rechtsbijstand gelijkgesteld met een procedurevergoeding.
Een toelichting op de voorwaarden vindt u vanaf 1 februari 2026 in de werkinstructie ‘Art. 05 Bvr Procedure/ Beëindigd voor procedure’.
NB. Artikel 5 Bvr ziet alleen op civiele en bestuursrechtelijke zaken. In strafrechtelijke en asielzaken geldt deze bepaling niet.
Reiskostenvergoeding bij mediation
In artikel 9 van het Besluit toevoeging mediation wordt een vergoeding opgenomen voor de reis naar het gerecht in de situatie dat een mediator na een mediationverwijzing van het gerecht mediation verleent in de mediationkamer van dat gerecht. Hierbij gaat het uitsluitend over mediationzaken waarin een toevoeging is verstrekt.
Per gereisde kilometer geldt een vergoeding van € 0,23. Voor elke 50 kilometer wordt 0,5 punt bij de vergoeding opgeteld.
Een toelichting op de voorwaarden vindt u vanaf 1 februari 2026 in de werkinstructie ‘Mediation vaststellen’.
Welke wijzigingen worden (nog) niet doorgevoerd?
In de voorjaarsnota in 2025 is structureel 30 miljoen euro extra beschikbaar gekomen voor de sociale advocatuur vanaf 1 januari 2027. De voormalig staatssecretaris Rechtsbescherming erkent echter de urgentie van de problematiek in de sociale advocatuur en vindt dat eerder actie is vereist. Daarom komen binnen het rechtsbijstandsbudget al in 2026 middelen beschikbaar voor uitvoering van de aanbevelingen van de commissie.
In de kamerbrief van 26 juni 2025 geeft de voormalig staatssecretaris aan welke aanbevelingen als eerste opgevolgd worden vanuit de verwachting dat de opvolging van deze aanbevelingen voor de korte termijn snel effect heeft en de vergoedingen aanzienlijk verbetert. Ook zijn deze aanbevelingen snel uitvoerbaar.
Andere aanbevelingen worden later uitgevoerd, omdat bijvoorbeeld eerst politiek een besluit moet worden genomen of de RvR de maatregel nog moet uitwerken en de ICT moet aanpassen waardoor ze later pas ingevoerd kan worden. Denk hierbij aan aanbevelingen rondom monitoring en de opvolgingstoeslag als percentage van het forfait.
Daarnaast heeft de voormalig staatssecretaris aangegeven de aanbeveling voor een kantoortoeslag niet over te nemen. Deze aanbeveling wordt meegenomen in het visietraject voor de toekomst van de sociale advocatuu
Vaste pagina met informatie op RvR.org
We hebben een vaste informatiepagina op RvR.org ingericht over de invoering. Hier vindt u alle wijzigingen terug. Ook vindt u hier veelgestelde vragen. Deze vragen vullen we aan met antwoorden op nieuwe vragen, als we die binnenkrijgen. Houdt u daarom deze pagina de komende tijd in de gaten voor nieuwe informatie.
Speciale scholingsbijeenkomsten
Op dinsdagmiddag 3 februari en 3 maart 2026 organiseren we digitale bijeenkomsten waar we de belangrijkste wijzigingen doornemen. Ook krijgt u gelegenheid vragen te stellen. U leest meer over deze bijeenkomsten in het nieuwsbericht.
Rapport Van der Meer II
Aan het begin van 2025 overhandigde de commissie-Van der Meer II haar adviesrapport ‘Veranderde tijden – Een redelijk inkomen in een toekomstbestendig stelsel’ aan de staatssecretaris Rechtsbescherming.
De commissie, onder leiding van mr. Herman van der Meer, onderzocht of de (forfaitaire) punten nog overeenkomen met de gemiddeld aan de zaak bestede tijd en of voor een sociaal advocaat het (door de regering genormeerde) referentie-inkomen haalbaar is. Op basis van het uitgevoerde onderzoek heeft de commissie haar aanbevelingen gedaan.
Vanaf 2026 is vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid geld beschikbaar gesteld om een aantal aanbevelingen van de commissie door te voeren.
Vragen?
Heeft u vragen over de wijzigingen? Bezoek een van onze scholingsbijeenkomsten en/of bekijk de veelgestelde vragen. Staat uw vraag er niet bij? Stuur dan uw vraag via [email protected] onder vermelding van 'Wijzigingen Van der Meer II'.