Het Juridisch Loket en de lichte adviestoevoeging
• Gradaties rechtsbijstand • Gevolgen
Gradaties rechtsbijstand
Na invoering van de Wet stelselherziening ontstaan er drie gradaties binnen de definitie van rechtsbijstand. Wij merken op dat deze gradaties niet per sé elkaar chronologisch opvolgen.
1 - Rechtshulp
Het Juridisch Loket verleent rechtshulp. Onder rechtshulp wordt wettelijk
verstaan:
“het verlenen van rechtsbijstand bestaande uit het geven van eenvoudige juridische adviezen waarbij geen sprake is van vertegenwoordiging van de rechtzoekende, alsmede het met het oog op het verlenen van de ze rechtsbijstand verstrekken van informatie, analyseren en verduidelijken van een probleem en het verwijzen naar terzake doende instanties en rechtsbijstandverlener” (Artikel 1 lid 1 sub r Wrb).
Dit zijn werkzaamheden van het Juridisch Loket.
Artikel 1 lid 1 sub d Wrb: Voorziening: een door de raad ingerichte voorziening als bedoeld in artikel 7, tweede lid, of 8, tweede lid.
Artikel 7 lid 2 Wrb: De raden treffen in ieder geval gezamenlijk één afzonderlijke voorziening die belast is met de verlening van rechtshulp, het bevorderen van het gebruik van mediation, het verwijzen naar een mediator alsmede met het benaderen van de wederpartij van de rechtzoekende met het oog op mediation.
Artikel 8 lid 2 Wrb: Onverminderd artikel 7, tweede lid, kan de raad met het oog op de uitoefening van zijn taken één of meer voorzieningen treffen.
2 – Eenvoudig rechtskundig advies
Dit zijn zaken die eenvoudig van aard zijn. De zogenaamde Lichte Aadvies
Toevoeging (LAT). Het verschil met het verlenen van rechtshulp door het
Juridisch Loket is dat de Raad een lichte adviestoevoeging verleent in
eenvoudige zaken waarvoor rechtshulp niet volstaat. Dit kan bijvoorbeeld omdat:
- het noodzakelijk is dat de advocaat als vertegenwoordiger optreedt. Dit houdt in dat de advocaat voor het opstellen van zijn advies op enig moment naar buiten treedt namens de cliënt;
- de advocaat meer onderzoek moet doen om achter het werkelijke probleem te komen dan wel tot een richtinggevende oplossing te kunnen komen. Daarbij gaat het om het voeren van een telefoongesprek, het schrijven van een brief of een korte onderhandeling waarbij namens de cliënt wordt geopereerd, als dit handelingen betreft die de cliënt, gelet op zijn belangen, redelijkerwijs niet zelf kan verrichten.
Het voorgaande betekent dat in de gevallen waarin er daadwerkelijk een ernstig conflict is tussen de cliënt en de wederpartij een licht advies onvoldoende kan zijn om tot een oplossing te komen. Is er geen conflict, maar een verschil in interpretatie of een verkeerde voorstelling van zaken dan ligt het wel in de rede dat met een lichte adviestoevoeging het probleem kan worden opgelost. Benadrukt wordt dat op dezelfde wijze als bij de werkzaamheden die het Juridisch Loket doet, niet de tijd bepalend is voor de beoordeling of een zaak door middel van een licht advies kan worden afgedaan, maar de aard van de werkzaamheden. De tijdsduur van drie uur is slechts indicatief.
3 – Reguliere rechtsbijstand
Rechtskundige bijstand aan een rechtzoekende ter zake van een rechtsbelang dat
hem rechtstreeks en individueel aangaat, voor zover in de Wet op de
rechtsbijstand en de daarop berustende bepalingen geregeld en die niet valt
onder rechtshulp of een eenvoudig rechtskundig advies.
|
Gradaties rechtsbijstand
Oude situatie:
Nieuwe situatie:
De reden van de wetgever voor deze aanpassing is om een betere scheiding te creëren tussen de publieke taak en de private markt van rechtsbijstandverleners. |
Gevolgen
- Voor verlening van toevoegingen
- Voor declareren en vaststellen van vergoedingen
- voor inschrijvingen
Gevolgen voor de verlening van toevoegingen:
Hoewel de Raad nu al gebruik maakt van de LAT, ontstaat door de wijziging van de
wet een aantal aanpassingen.
- De Raad kan een LAT-aanvraag afwijzen, als deze niet binnen vier weken na het geven van het advies is ingediend.
Artikel 28 lid 3 Wrb: Het eerste lid, onderdelen a en c, is niet van toepassing, indien het betreft een toevoeging in een zaak waarbij de rechtsbijstand bestaat uit het geven van een eenvoudig rechtskundig advies. De raad kan evenwel een aanvraag om deze toevoeging weigeren, indien de aanvraag niet binnen vier weken na het geven van het advies is ingediend.
- De Raad kan bovendien een toevoegingsaanvraag (regulier of LAT) afwijzen als de werkzaamheden behoren bij het Juridisch Loket.
Artikel 28 lid 1 aanhef en onder d Wrb: De raad kan de toevoeging weigeren indien de aanvraag een rechtsprobleem betreft dat door de voorziening, bedoeld in artikel 7, tweede lid, kan worden afgehandeld.
- De scheiding rechtshulp, eenvoudig rechtskundig advies en volledige rechtsbijstand is in feite ook voor de wetswijziging al aan de orde. Op grond van artikel 24a Wrb kunnen in de toekomst bij AMvB zaken worden aangewezen die in beginsel voor een LAT in aanmerking komen. Dan is er geen beoordelingsruimte voor de Raad en kunnen geen interpretatieverschillen ontstaan.
Artikel 24a lid 1 Wrb: Bij algemene maatregel van bestuur kunnen soorten zaken worden aangewezen die worden aangemerkt als zaken waarbij de rechtsbijstand bestaat uit het geven van een eenvoudig rechtskundig advies.
Lid 2: Indien blijkt dat de toevoeging in een zaak waarbij de rechtsbijstand bestaat uit het geven van een eenvoudig rechtskundig advies, niet toereikend is voor de verlening van rechtsbijstand in die zaak, vraagt de rechtsbijstandverlener zo spoedig mogelijk een wijziging van de toevoeging aan.
- Voor de begeleiding van een aanvraag om gesubsidieerde rechtsbijstand in de EU biedt in beginsel het Juridisch Loket rechtshulp.
Artikel 23i lid 4 Wrb: De verlening van rechtsbijstand, bedoeld in eerste lid, omvat uitsluitend de verlening van rechtshulp of de verlening van een adviestoevoeging.
- Het Besluit draagkrachtcriteria rechtsbijstand wordt ingetrokken en daarvoor in de plaats komt het Besluit eigen bijdrage rechtsbijstand (Bebr).
- Artikel 35 Wrb (met betrekking tot de inkomensnormen en eigen bijdrage) wijzigt. De hoogte van de eigen bijdragen wordt door de regelgever niet langer bij wet, maar bij AMvB (Bebr) bepaald. Voor de LAT gaan de volgende normen gelden:
|
Inkomensnormen en eigen bijdrage
|
||
|
Alleenstaand |
Eigen bijdrage |
Gehuwd, samenwonend of éénoudergezin met minderjarig(e) kind(eren) |
|
€ 17.300,- en lager |
€ 39,- |
€ 24.200,- en lager |
|
Tussen € 17.300,- en ten hoogste € 23.800,- |
€ 72,- |
Tussen € 24.200,- en ten hoogste € 33.600,- |
|
Boven de € 23.800,- |
Komt niet in aanmerking |
Boven de € 33.600,- |
Er bestaat geen recht op een LAT als in het peiljaar het vermogen in box 3 hoger is dan het heffingvrije vermogen.
|
Heffingsvrij vermogen 2007 (het peiljaar) |
|
|
Per persoon |
€ 20.014,- |
|
Voor elk minderjarig kind een bijtelling van |
€ 2.674,- |
|
Is de rechtzoekende 65 jaar of ouder dan geldt een extra heffingsvrii vermogen van |
maximaal € 27.350 |
- Doordat ook hier nu het fiscaal inkomen en vermogen van twee jaar terug bepalend zijn (T-2), kan onder omstandigheden ook peiljaarverlegging worden verzocht voor de LAT.
- Strafzaken kanton uit artikel 5 Besluit rechtsbijstand- en toevoegcriteria (Brt) kunnen in aanmerking komen voor rechtshulp door het JL.
Artikel 5 lid 1 Brt: In strafzaken wordt geen rechtsbijstand verleend indien de zaak dient bij de kantonrechter. De eerste volzin is niet van toepassing op de verlening van rechtshulp.
- De anti-cumulatie bepaling voor eigen bijdragen is alleen nog maar van toepassing op natuurlijke personen. Een LAT telt niet mee voor de anti-cumulatieregeling!
Artikel 5 lid 1 Bebr: Indien binnen zes maanden na verlening van een toevoeging ten behoeve van rechtsbijstand aan een natuurlijk persoon, onder oplegging van een eigen bijdrage als bedoeld in artikel 2, eerste of tweede lid, of artikel 4, een of meer toevoegingen ten behoeve van rechtsbijstand worden verleend aan dezelfde persoon of aan degene met wie hij een gezamenlijke huishouding voerde op het moment van verlening van eerstgenoemde toevoeging, bedraagt de eigen bijdrage bij de eerstvolgende en de twee daaropvolgende toevoegingen ten behoeve van rechtsbijstand binnen genoemde termijn van zes maanden, vijftig procent van de eerst opgelegde eigen bijdrage.
Lid 3: Indien de eigen bijdrage bij een volgende toevoeging ten behoeve van rechtsbijstand zonder toepassing van het in het eerste lid bedoelde kortingspercentage lager is dan met toepassing van dit percentage, legt de Raad de laagste eigen bijdrage op. De termijn van zes maanden, bedoeld in het eerste lid, vangt in dit geval aan op het moment van verlening van de toevoeging waarbij de laagste eigen bijdrage is opgelegd. De tweede volzin is niet van toepassing indien de volgende toevoeging, bedoeld in de eerste volzin, een toevoeging ten behoeve van rechtsbijstand bestaande uit het geven van eenvoudig rechtskundig advies betreft.
Gevolgen voor declareren en vaststellen van vergoedingen:
- De LAT moet uiterlijk binnen vier weken na beëindiging van het advies worden aangevraagd/gedeclareerd.
Artikel 28 lid 3 Wrb: Het eerste lid, onderdelen a en c, is niet van toepassing, indien het betreft een toevoeging in een zaak waarbij de rechtsbijstand bestaat uit het geven van een eenvoudig rechtskundig advies. De raad kan evenwel een aanvraag om deze toevoeging weigeren, indien de aanvraag niet binnen vier weken na het geven van het advies is ingediend.
- De vergoeding voor een LAT is in artikel 12 lid 3 Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 (Bvr) opgenomen en bedraagt twee punten.
Artikel 12 lid 3 Bvr: In afwijking van het eerste en tweede lid worden aan een zaak waarin eenvoudig rechtskundig advies wordt gegeven twee punten verleend.
Gevolgen voor inschrijvingen:
- Op dit moment kan alleen een LAT worden afgegeven aan een rechtsbijstand-verlener die deelneemt aan het verwijzingsarrangement. Vanaf 1 juli kunnen alle ingeschreven rechtsbijstandverleners een LAT aanvragen. Ook zij die geen verwijzingsarrangement hebben afgesloten.