Home / Nieuws

Toelichting op toevoegbeleid inzake Pardonregeling


De raad zal een verzoek om een toevoeging inzake de Pardonregeling conform het staande beleid afwijzen. Ook geeft hij hiervoor geen lichte adviestoevoegingen af.

In het regeerakkoord zijn afspraken gemaakt om via een generaal pardon de nalatenschap van de oude Vreemdelingenwet af te wikkelen. De Pardonregeling is op 25 mei 2007 vastgesteld en op 15 juni 2007 in werking getreden. De regeling is te vinden op de website van de IND.

Een verblijfsvergunning op grond van de regeling wordt ambtshalve verleend. De vreemdeling kan derhalve in principe geen aanvraag voor de pardonregeling indienen. Als de vreemdeling desondanks opteert voor het indienen van een aanvraag, geldt de normale reguliere procedure.

Een verzoek om een toevoeging voor advies c.q. aanvraag van een vergunning zal dan conform het staande beleid worden afgewezen op grond van artikel 12 lid 2 sub g Wrb / artikel 8 lid 1 sub a Brt. Ook worden hiervoor geen lichte adviestoevoegingen afgegeven.

Het gaat om activiteiten die men zelf kan verrichten, te vergelijken met het aanvragen van een uitkering of vergunning waarvoor ook geen toevoeging wordt verstrekt

Bij verblijfsaanvaarding op grond van de pardonregeling dient de vreemdeling schriftelijk aan te geven dat lopende procedures onvoorwaardelijk worden ingetrokken.

Indien een zaak reeds aanhangig is gemaakt en de procedure wordt beëindigd voordat de bedoelde instantie uitspraak of tussenuitspraak is gedaan of een beslissing heeft genomen dan wel voordat de rechtsbijstandverlener een zitting heeft bijgewoond is artikel 5 lid 2 van het BVR 2000 van overeenkomstige toepassing.